In het kort

Katoen is een natuurlijke vezel. Het zit vaak in kleding, meubels en andere producten zoals watten, maandverband, luiers en isolatiematerialen. Bij zijn producten met katoen te gebruiken.

Waarom zit deze stof in producten?

Katoen is al duizenden jaren lang een veelgebruikte stof voor allerlei producten. Na het plukken van katoen van de katoenplant, wordt het buitenste wasachtige laagje verwijderd. Daarna wordt de katoenvezel schoongemaakt, gebleekt en geverfd. Met een spinmachine kan je katoen weven tot garen of verwerken tot ruwe producten zoals isolatiemateriaal en watten. Soms bewerken producenten de garen verder om ervoor te zorgen dat kleurstoffen beter aan het katoen binden.

Het garen kan ook verweven worden met synthetische vezels zoals elastaan en polyamide (nylon). Dat kan het kreuken van de stof verminderen. Door katoen te bewerken met chemische UV-filters als titaniumdioxide en zinkoxide kunnen producenten het gebruiken in UV-beschermende kleding. Textiel van katoen kan waterafstotend gemaakt worden door het te met stoffen zoals PFAS.

Katoen is van nature sterk, kan goed tegen vocht en is makkelijk schoon te maken. Door de vocht absorberende eigenschappen zit katoen ook vaak in luiers en maandverband.

Is deze stof veilig?

Producten gemaakt van katoen zijn bij normaal gebruik veilig voor baby’s, kinderen en volwassenen. Als je wilt weten of katoen voorkomt in een specifiek product, bekijk dan het label, of vraag het na bij de leverancier van het product.

Meer informatie

Waar komt katoen vandaan?

Katoenvezels zijn afkomstig van de zaden van de katoenplant (Gossypium). Katoenvezels bestaan uit een natuurlijk van cellulose (het hoofdbestanddeel van de wanden van plantencellen). Alle planten bevatten cellulose, maar die van de katoenplant zijn het meest geschikt om textiel van te kunnen maken.

Genetisch gemodificeerd katoen

Tijdens het telen en verwerken van katoen worden soms chemische stoffen, zoals (kunst)mest en bestrijdingsmiddelen ( ) gebruikt. In India, Amerika en China proberen ze minder bestrijdingsmiddelen te gebruiken door genetisch gemodificeerd katoen te verbouwen. Genetisch gemodificeerd katoen betekent dat het DNA van de katoenplant is aangepast. Deze aanpassing zorgt ervoor dat de plant een stofje aanmaakt dat insecten doodt die van de plant eten. Hierdoor hoeven minder bestrijdingsmiddelen gebruikt te worden om de plant te laten groeien. De Europese Autoriteit voor Voedselveiligheid (EFSA) beoordeelt of genetisch gemodificeerd katoen naar de EU geïmporteerd mag worden.

Chemische stoffen tijdens het vervoeren en bewaren van katoen

Bij het vervoeren en bewaren van katoen gebruiken bedrijven vaak bestrijdingsmiddelen of om te voorkomen dat het katoen aangetast wordt door organismen zoals schimmels en bacteriën. Alle chemische stoffen die in het productieproces gebruikt zijn, worden er grotendeels uit gewassen waardoor in het uiteindelijke product geen of weinig chemische stoffen aanwezig zijn.

Wanneer is katoen biologisch?

Bij het maken van textiel is vaak veel energie en water nodig. Als de materialen (waaronder chemische stoffen) en technieken die gebruikt worden bij de productie van katoen een lage impact op het milieu hebben, mag het eco- of biologisch katoen genoemd worden. Zo is biologisch katoen geproduceerd zonder (chemische) bestrijdingsmiddelen en is het niet genetisch gemodificeerd. Vaak staat dit op het label van het product vermeld en staat er aan welk keurmerk het voldoet. Katoen en textiel kan ook gerecycled worden. Het textiel wordt dan weer teruggebracht tot vezels en opnieuw gesponnen tot garen. Hier kan bijvoorbeeld nieuwe kleding van gemaakt worden, of het kan worden verwerkt in isolatiemateriaal.