Verschijningsvormen

Vlooien op dieren bestrijd je met diergeneesmiddelen. Een anti-vlooienmiddel is een ectoparasiticum. Dit betekent dat het middel parasieten doodt die op de huid/haren van een dier aanwezig zijn. Een anti-vlooienmiddel bestaat vaak in de vorm van druppels die je gemakkelijk kunt aanbrengen op de huid van je huisdier, ook spot-on genoemd. Er zijn sprays, lotions, shampoos of halsbanden op de markt. En tot slot zijn er tabletten die je aan je huisdier kunt geven. Vaak werken anti-vlooienmiddelen ook bij het bestrijden van teken.

Wat moet je weten

Wat zegt de wet?

Een diergeneesmiddel, dus ook een anti-vlooienmiddel moet voldoen aan de Nederlandse Wet Dieren. Deze is gebaseerd op Europese regelgeving. Producenten moeten kunnen aantonen dat het middel werkzaam is en geen gevaar oplevert voor de gezondheid van de mens, dier en omgeving wanneer het volgens de voorschriften wordt gebruikt.

Voor het in de handel brengen van diergeneesmiddelen, zoals een anti-vlooienmiddel, is een vergunning nodig. In Nederland is het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen (CBG), afdeling Bureau Diergeneesmiddelen (BD), verantwoordelijk voor het toelatingsproces van diergeneesmiddelen. De Nederlandse Voedsel en Waren Autoriteit (NVWA) controleert onder andere op misbruik van diergeneesmiddelen.

Chemische stoffen in een anti-vlooienmiddel

Bekende werkzame stoffen in anti-vlooienmiddelen zijn fipronil, imidacloprid en fluralaner. Maar er bestaan ook andere chemische stoffen die worden gebruikt, bijvoorbeeld pyrethroiden. De meeste chemische stoffen in een anti-vlooienmiddel, zoals fipronil, imidacloprid en fluralaner, werken door het zenuwstelsel van de vlooien aan te tasten. Andere stoffen, bijvoorbeeld S-methopreen, werken door bijvoorbeeld de ontwikkeling van larve tot volwassen vlo te blokkeren. Ook bevatten de anti-vlooienmiddelen hulpstoffen die er bijvoorbeeld voor zorgen dat een stof goed oplost of dat het product goed aan te brengen is.

In het nieuws

Anti-vlooienmiddelen bevatten chemische stoffen die soms in het nieuws komen. Zo was er de fipronilcrisis, een voedselschandaal dat aan het licht kwam in 2017. Producten met fipronil werden illegaal gebruikt in kippenstallen om bloedluis te bestrijden. Als gevolg hiervan zat er fipronil in de eieren van kippen uit deze stallen. Teveel fipronil kan schadelijk zijn voor de volksgezondheid en milieu.

Imidacloprid is in het nieuws geweest vanwege schade voor het milieu. Het veroorzaakt sterfte bij bijen. Deze stof mag dan ook minder vaak gebruikt worden als in de landbouw. Teveel imidacloprid kan schadelijk zijn voor de volksgezondheid en milieu.

Fluralaner zou ernstige bijwerkingen kunnen geven bij honden. Wanneer honden behandeld werden met een anti-vlooienmiddel met fluralaner erin, werd beweerd dat het zelfs het overlijden van deze honden kan veroorzaken. Echter dit verband is nooit wetenschappelijk aangetoond.

Risico’s 

De overheid beoordeelt of diergeneesmiddelen zijn voor diegene die het product toepast. Pas als de overheid beoordeelt dat het product veilig is, mag het worden verkocht. Diergeneesmiddelen die in Nederland verkocht worden zijn veilig als je ze gebruikt volgens de voorschriften. Lees altijd het etiket en/of de bijsluiter en houd je aan de gebruiksvoorschriften. Buiten de Europese Unie kunnen andere regels gelden. Pas daarom goed op als je producten online koopt.

Tips

Bijsluiter
Bij alle diergeneesmiddelen zit een bijsluiter. Op deze bijsluiter lees je precies hoe je het product moet gebruiken. Lees voor gebruik van het product daarom altijd de bijsluiter. Soms staat de informatie ook op het etiket. In de bijsluiter kun je ook lezen welke voorzorgsmaatregelen je kunt treffen om ervoor te zorgen dat je niet per ongeluk teveel in aanraking komt met de chemische stof. Dit kan per stof en type product verschillen.

Contact met het anti-vlooienmiddel vermijden
Let er op dat je het anti-vlooienmiddel niet per ongeluk zelf binnen krijgt. Daarom mag je niet drinken, eten of roken als je je dier behandeld. Was altijd je handen na het gebruik van een anti-vlooienmiddel.
Ook na het gebruik van het anti-vlooienmiddel kan je nog in aanraking komen met de stoffen, door bijvoorbeeld een huisdier dat net behandeld is te aaien. Raak daarom je huisdier, dat je net hebt behandeld, zo min mogelijk aan. En vooral niet op de plaats waar je het anti-vlooienmiddel hebt toegepast. Slaap ook nooit met een dier, dat je net met anti-vlooienmiddel hebt behandeld, in één bed.

Irritatie en overgevoeligheid
Sommige stoffen die in een anti-vlooienmiddel zitten, kunnen overgevoeligheidsreacties veroorzaken, of irriterend zijn voor de huid, ogen of luchtwegen. Dan kan het dragen van handschoenen of een veiligheidsbril nodig zijn. Bij overgevoeligheid voor de chemische stoffen in het product, moet je jezelf extra goed beschermen of kun je beter het product met die stof erin niet gebruiken. Als je een spray gebruikt, is er een kans dat je het inademt. Gebruik een spray daarom alleen buiten of in een goed geventileerde ruimte. Spray van je af en adem de spray niet in. Dit staat ook altijd vermeld op de bijsluiter van het product.

Zwanger
Voor de werkzame stoffen die nu gebruikt worden om vlooien te bestrijden op je huisdier, bestaat er geen extra voor zwangere vrouwen. We raden je wel aan om de bijsluiter extra goed te lezen. In sommige anti-vlooienmiddelen wordt namelijk gebruik gemaakt van een , N-methylpyrrolidone. Deze chemische stof kan wel een risico zijn voor zwangere vrouwen. Als deze hulpstof in het anti-vlooienmiddel aanwezig is, moet je direct contact met het anti-vlooienmiddel vermijden door handschoenen te dragen bij het toedienen van het product. Ook kan je kiezen voor een product dat deze stof niet bevat. Overleg dit met je dierenarts.

Kinderen
Berg een anti-vlooienmiddel altijd goed op uit het zicht en bereik van kinderen. Er bestaat een risico op schadelijke effecten na het inslikken van een anti-vlooienmiddel.

Gebruik
Anti-vlooienmiddelen voor dieren zijn niet geschikt voor gebruik bij mensen. Kies in overleg met je dierenarts het product dat het beste bij je dier en gezinssituatie past.

Ingrediënten

Parasietendodend

  • Hoe vaak zit het er in?
  • Veilig te gebruiken?

Fipronil

  • soms
Relevant voor
Jonge kinderen
Mensen met een allergie

Fipronil doodt parasieten en wordt gebruikt in een anti-vlooienmiddel in de vorm van spot on's en sprays. Fipronil kan irriterend zijn voor de slijmvliezen, de huid en de ogen. Contact met de huid en ogen moet je dan ook vermijden. Als je gevoelig bent voor fipronil, kun je een allergische reactie krijgen na contact met de huid. Je kunt dan beter kiezen voor een anti-vlooienmiddel zonder fipronil. Jonge kinderen lopen een groter risico, omdat zij het anti-vlooienmiddel onbedoeld kunnen opeten. Daarbij zijn zij gevoeliger voor fipronil door hun lage lichaamsgewicht. Houd producten met fipronil daarom altijd buiten het bereik van kinderen.

Meer info over fipronil

Fluralaner

  • soms
Relevant voor
Jonge kinderen

Fluralaner doodt parasieten en wordt gebruikt in een anti-vlooienmiddel in de vorm van spot on's en tabletten. Fluralaner kan irriterend zijn voor de huid en de ogen. Contact met de huid en ogen moet je dan ook vermijden. Jonge kinderen lopen een groter risico, omdat zij het anti-vlooienmiddel onbedoeld kunnen opeten. Daarbij zijn zij gevoeliger voor fluralaner door hun lage lichaamsgewicht. Houd producten met fluralaner daarom altijd buiten het bereik van kinderen.

Meer info over fluralaner

Imidacloprid

  • soms
Relevant voor
Jonge kinderen
Mensen met een allergie

Imidacloprid doodt parasieten en wordt gebruikt in een anti-vlooienmiddel in de vorm van spot on's en halsbanden. Imidacloprid kan irriterend zijn voor de slijmvliezen, de huid en de ogen. Contact met de huid en ogen moet je dan ook vermijden. Als je gevoelig bent voor imidacloprid, kun je een allergische reactie krijgen na contact met de huid. Je kunt dan beter kiezen voor een anti-vlooienmiddel zonder imidacloprid. Jonge kinderen lopen een groter risico, omdat zij het anti-vlooienmiddel onbedoeld kunnen opeten. Daarbij zijn zij gevoeliger voor imidacloprid door hun lage lichaamsgewicht. Houd producten met imidacloprid daarom altijd buiten het bereik van kinderen.

Meer info over imidacloprid

Pyrethroïden

  • soms
Relevant voor
Baby's
Jonge kinderen
Mensen met een allergie

Pyrethroïden, zoals permethrin, deltamethrin en flumethrin, doden parasieten en kunnen worden gebruikt in een anti-vlooienmiddel in de vorm van spot-on’s, shampoo, halsbanden en sprays. Pyrethroïden kunnen irriterend zijn voor de slijmvliezen, de huid en de ogen. Contact met de huid en ogen moet je dan ook vermijden. Permethrin kan allergische reacties veroorzaken na contact met de huid als je overgevoelig bent voor deze stof. Je kunt dan beter kiezen voor een anti-vlooienmiddel zonder permethrin. Jonge kinderen lopen een groter risico, omdat zij het anti-vlooienmiddel onbedoeld kunnen opeten. Daarbij zijn zij gevoeliger voor pyrethroïden door hun lage lichaamsgewicht. Houd producten met pyrethroïden daarom altijd buiten het bereik van kinderen.

Meer info over pyrethroïden

Keurmerken en beweringen

Er zijn geen keurmerken of certificaten speciaal voor anti-vlooienmiddel.

In Nederland bepaalt de overheid of een product veilig is. Pas als een product veilig wordt bevonden, dan mag het worden verkocht.
Alle toegelaten anti-vlooienmiddelen krijgen een uniek registratienummer (REGNL). Deze nummers en ook de bijsluiters van de goedgekeurde middelen zijn te vinden in de Diergeneesmiddeleninformatiebank op de website van Bureau Diergeneesmiddelen.

Bewaren en weggooien

In de bijsluiter en op het etiket kan je lezen hoe je een anti-vlooienmiddel moet bewaren. Het is belangrijk om diergeneesmiddelen altijd te bewaren in de originele verpakking en buiten het bereik en zicht van kinderen te houden. Meestal dien je anti-vlooienmiddelen ook op een droge plek en bij kamertemperatuur te bewaren. Bewaar de diergeneesmiddelen niet bij etenswaren. 

Anti-vlooienmiddelen en/of restanten gooi je meestal weg bij het klein chemisch afval of lever je weer in bij de dierenarts.
Omdat het diergeneesmiddel soms gevaarlijk kan zijn voor vissen en andere waterorganismen, mag het niet in het water terecht komen.
Meer informatie over het weggooien van producten vind je op de website van Milieu Centraal.